East: far from least

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Voordat ik het over het oosten ga hebben wil ik eerst uitweiden over de vloek van Pico da Vara. Pico da Vara, de hoogste berg van Sao Miguel. Iedere dag als ik weer buiten ben dan lonkt hij naar me. De fiets staat dan geparkeerd binnen in het huis en dan moet en zal ik die top oprijden en afdalen. Dus al vrij snel nadat we geïnstalleerd waren pakte ik mijn fiets om die berg op te fietsen. Ik had gezien dat iemand ‘m vanuit een dorp langs ons op was gereden, maar omdat er achter ons huis een pad omhoog ging leek het me beter om die te nemen en dan later in te voegen. Slecht idee, want daartussen lag een grote kloof. Maar goed toch doorzetten. Na lang klimmen kwam ik eindelijk op het pad uit. Bleek deze dusdanig beschadigd door het weer dat ik om kon draaien en af kon druipen naar huis als een hond met zijn staart tussen de benen.
Poging 2: Om een lang verhaal kort te maken, het eindigde na een lange klim erg vergelijkbaar. Het pad wéér te beschadigd en afdruipend naar huis als een hond met de staart tussen de benen.
Poging 3: 3 keer scheepsrecht zou je zeggen, maar ook dit keer komen er honden voor in het verhaal, maar nu van die grote gevaarlijke mens-etende monsters. Verder erg vergelijkbaar. Afdruipend als een hond met de staart tussen de benen. De vloek van Pico da Vara.

Het oosten! Vorige keer lieten we al weten het getroffen te lijken te hebben in het verre oosten van het eiland. Niet alleen onze plek is fijn, maar het hele binnenland van het oosten is geweldig. Hier is nog altijd de oorspronkelijke natuur de baas. Soms waan je je zoals al eerder vermeld in het regenwoud van Equador (of een ander zuid-/midden-Amerikaans land). Beter nog: je neemt een thermaal bad midden in zo’n bos. En het volgende moment zie je een deken van smaragdgroene velden met hier en daar stukjes bos. Voor ons was de omgeving rond Lagoa do Fogo een van de vele hoogtepunten. Een huis waar we onszelf meteen zagen wonen: een ruïne met een uitzicht waar je stijl van achterover slaat. Er staat een foto van in de galerij. Je ziet wel welke. Een van de andere hoogtepunten was Faial da Terra. We waren er al een keer naartoe gereden, maar dit keer een wandeling. Ook al had ik wel mijn fiets bij het bleef ook bij mij voornamelijk een wandeling. Zo’n fiets is zwaar als je ‘m meer op je schouders heb liggen dan op de grond. Het was een geweldig mooie omgeving en daarom hebben we er beide geen spijt van gehad. Ik zeg beide, want Evi heeft Sam de hele tijd op haar rug gedragen en in deze omgeving is dat geen pretje, fiets óf Sam. Dat we er geen spijt van hebben gehad zegt wel iets over de omgeving. Zoals de titel luidt: East, far from least.

Inmiddels zitten we sinds vandaag na een maand oosten weer in Hostel 33 in Ponta Delagda, de hoofdstad van het eiland. Morgen vliegen we naar een volgend eiland: Pico. De gelijknamige berg is de hoogste van Portugal, 2351m. Dat zal wel reden genoeg zijn om ook zonder vloek niet de berg te doen beklimmen, maar ik zal me wel weer niet kunnen weerhouden.

Midden in de Atlantische Oceaan

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Natuurlijk hebben we van tevoren oneindig lang afbeeldingen en video’s bekeken van de Azoren, en tóch was het anders dan we hadden verwacht. De geologische locatie, midden in de Atlantische Oceaan, zou natuurlijk al genoeg aanleg moeten geven om erop voorbereid te zijn dat je eigenlijk naar een on-Europees landschap gaat. Onze eerste echte verre reis was naar Equador, en daar doet het ons qua begroeiing en vochtigheid misschien nog wel het meest aan denken. Maar dan heb je dat in je gedachte en vervolgens komt er een iets te bekend luchtje voorbij: de bekende koeienvlaai. Jij kijkt om je heen en ziet de Nederlandse weilanden gevuld met de welbekende koetjes. Ja, ook wit met zwarte vlekken (met van die flinke uiers eronder!). Maar draai je vervolgens 90 graden naar rechts dan kijk je 100m naar beneden naar de oceaan en ben je je er weer van bewust waar je bent: de Azoren!

Eerlijk is eerlijk, de eerste paar dagen viel het wat tegen. We kwamen aan in een veel te vies huis en zijn vervolgens direct verkast naar een hostel (leuk, mooi en schoon!) in de hoofdstad. Toen we met de bus naar ons huidige huisje reden waren we beide een beetje teleurgesteld. Het was toch echt drukker dan verwacht. Het ene dorp sloot direct het andere dorp aan, en dat was niet waar we naar op zoek waren. Maar, gelukkig, hoe dichter we bij onze bestemming aan kwamen hoe rustiger het werd. Wat onze locatie betreft hebben we het gelukkig de tweede keer wél getroffen!

Om een beetje terug te komen op de eerste paragraaf, vandaag zijn we helemaal naar het westen gereden (we zitten nu in het noord-oosten) en dat Equador-achtige dat blijkt toch niet overal op het eiland zo te zijn. Ook daarin zullen we het wel getroffen hebben hier op onze locatie. Wat wel erg mooi was, was de rit om de bekende meren heen die in het westen liggen. De gehuurde auto – met een 0.00298 liter motor – maakte het wel erg spannend om over de bergkam heen te rijden. Op een gegeven moment moesten we toch echt de spreekwoordelijke handdoek in de ring gooien en omdraaien, om te voorkomen dat we niet midden in de rimboe weggesleept moesten gaan worden. Die auto is nog slechter dan de oude Renault Clio van Evi, wat een kansloze wagen, en zo eentje verhuren ze dan op een eiland dat voor een groot deel bestaat uit door regenval beschadigde zandwegen. Mijn billen zien er weer goed getraind uit nadat ik ze vandaag flink wat heb samen geknepen. Daar is Evi dan weer blij mee. Heeft de auto toch nog nut gehad. Sorry, ik dwaal af.

De verjaardag van Sam! Onze kleine lieve Sam is alweer 2 jaar. Wat vliegt de tijd zeg ik dan als semi-oude lul. Het is natuurlijk erg jammer dat we haar verjaardag niet met de familie hebben kunnen vieren, maar gelukkig hebben we hier al wat mensen leren kennen met kindjes. Die hebben haar dag helemaal goed gemaakt. Bekijk de foto’s en je zult zien dat ze een echt verjaardagsfeestje heeft gehad. En dat midden op de Atlantische Oceaan!

Schotland haalt alles uit kast

PB012283_small

Voor die gene die niet helemaal precies snappen waar we eigenlijk mee bezig zijn: we zijn dus op zoek naar een plek waar we kunnen wonen. Daarbij hebben we een bepaalde leefwijze in ons hoofd waar Schotland eigenlijk niet bij past: zelf groenten en fruit verbouwen, veel buiten, zon. Niet dat dat hier niet zou gaan, maar het seizoen is hier natuurlijk korter. Daar hoef je geen klimatoloog voor te zijn om dat te begrijpen. Dan snap ik dat je met de vraag zit “Waarom zijn jullie daar dan?”. Misschien om onszelf te verwarren, om onszelf nog even een vette vis voor te houden. Het trok gewoon aan ons.

En dat doet het nog steeds. Schotland haalt alles uit de kast om ons hier te houden. Alsof wij niet op zoek zijn naar Schotland, maar Schotland opzoek is naar ons. Het maakt hier gewoon niet uit waar je komt, het lijkt wel of er geen einde komt aan de schoonheid van dit land. Je zou toch denken dat je na bijna 2 maanden het landschap wel zo’n beetje hebt gezien, maar afgelopen weekend werden we er weer compleet door weggeblazen. En liet Schotland het daar maar bij, maar néé, Schotland doet er met gemak nog een schepje bovenop en laat ons niet kéér op kéér de vriendelijkste mensen ontmoeten, maar ze moeten zo nodig ook nog de zelfde mentaliteit, interesses en levensstijl hebben. Denk je lekker bij een middelmatig restaurantje naar binnen stappen, maar néé, heb je voor een paar pond een top-maaltijd te pakken of erger nog in mijn geval: een ‘bad boys burger’ (zo eentje met 2 hamburgers, gerookte cheddar kaas, bacon en BBQ saus). BAH, wat is Schotland toch aan het opscheppen.

In de wildernis

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

We zijn inmiddels een week op onze nieuwe locatie, in het noorden van Schotland. De Schotten noemen dit niet voor niks de wildernis. Er wonen hier veel minder mensen. Nog minder? Ja, nog minder. Je rijdt hier van gehucht naar gehucht en onderweg is er niks dan wildernis. Prachtig.  Bekijk de foto’s (onder Wester Ross. Er staan ook een paar foto’s van onderweg hier naartoe bij).

Natuur, Schotten, toestand en meer

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Soms word je hier wakker en kijk je al liggend vanuit je bed naar buiten en dan zie je iets heel gaafs: mist over het water of juist een mooie zonsopkomst. Dat is zo leuk hier het is nooit hetzelfde. Of als je ’s avonds naar buiten kijkt en je hebt een rood-oranje lucht. Prachtig.

Behoorlijk gaar zit ik hier trouwens dit artikel te schrijven. Als het wat minder sprankelend is, is dat dus vanwege mijn toestand. Hoe kom ik in deze toestand? Dat is een interessante vraag. Een poosje terug ben ik in contact gekomen met een mountain bike club, want er moet hier toch gefietst worden. Bij de eerste tocht werd het me op een niet al te subtiele manier heel duidelijk dat ik er toch geen bal van kan. Als je af moet kijken hoe een 12 jarig meisje (dat schatte ik haar) een steile sectie neemt dan weet je genoeg. Natuurlijk is het zo dat ik dat niet gewend, omdat bij ons de hoogste bult (want meer dan dat is het niet) niet hoger komt dan ooghoogte en natuurlijk rij ik op zo’n oer-hollandse hardtail (geen achtervering) en natuurlijk is het zo dat ik afgelopen maanden mijn fiets niet heb aangeraakt. Deze smoesjes heb ik daar dan ook te pas en te onpas aan ze verteld. Maar goed, het was dus wel duidelijk dat er werk aan de winkel was. Dus de volgende trip weer mee. Gelukkig voor mij was er dit keer geen 12 jarig meisje, maar dan weer jammer voor mij: een veel te ruige downhiller met een fiets waar je stijl van achterover slaat. Maar goed, op een aantal secties (en ook een heel aantal secties niet) heb ik me toch goed staande weten te houden. En dat op een hardtail! Ook daar gooide ik mijn ‘goede’ reden voor het niet beheersbaar rijden door de technische secties er met plezier uit. Na de trip was het me wel duidelijk: mijn skills móesten veel verbeterd worden en ik móest een full-suspension (volledig geveerde) fiets. Die zijn we gisterenavond op gaan halen in Glasgow. En natuurlijk moest daar vandaag op gereden worden. Ik ben dus kapot, maar wat een vette fiets! Al die stukken waar ik zo’n moeite mee had gingen nu bijna gemakkelijk. Ik heb zelfs een paar kleine schansjes gepakt.

De Schotten zijn erg vriendelijk en open. Zo hebben we in de eerste 2 weken al van 4 mensen/koppels contactgegevens gekregen, nadat we uitlegde waarom we hier waren. Meestal trouwens al na een minuut of 2. Zo doende is Evi gisteren in de ochtend naar een activiteitengroep voor ouders met peuters gegaan. Was gelukkig maar een half uurtje rijden (in Nederland zou je dan natuurlijk vanuit Boekel al in Helmond zitten).

Misschien hoor je het aan ons, misschien ook niet, maar we hebben het hier ontzettend naar ons zin. De natuur, de vrijheid, de mensen. Wij vinden het wel wat.

Beauty of the beast

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Schotland is mooi door zijn rauwheid. De eerste dag uit, wandelen in de miezer. Het hoort erbij. Guur weer is onderdeel van de ervaring. Daarna ’s avonds op de bank met een warme kop thee (of een wiskey als je geluk hebt). Maar als we de volgende ochtend opstaan schijnt de zon. Dat hadden we niet afgesproken! We besluiten in de auto te stappen en de omgeving te verkennen. We zitten voornamelijk hier omdat het 1: goedkoop is en 2: om vanuit hier de eilanden en het midden van Schotland te verkennen. Wat we niet wisten: dat het hier gewoon super mooi is en we dus helemaal niet zo ver weg hoeven om het Schotland gevoel te ervaren. Na een mooie rit besluiten we een wandeling te doen door de mooiste glen (vallei) van de omgeving (en misschien wel van Schotland). Althans zo beweren ze. Als we na een stukje over, een redelijk saai, pad lopen slaan we rechtseen kloof in. Ongeveer 2km lang blijven we ons verbazen over het sprookjesachtige decor. Water sijpelt langs de kloof naar beneden, waardoor alles begroeit is met mos en klavertjes. Een idyllisch beekje dat door de kloof loopt met hier en daar een waterval. Ik snap nu waar de Efteling zijn inspiratie vandaan heeft: de mooiste glen van het land: Puck’s Glen (vernoemd naar het leukste meisje van Nederland – na Sam dan).

Als we vandaag opstaan is het nog steeds mooi weer! Hup, in die auto en gassen maar. De andere kant van dit gebied verkennen. Hier had ik eigenlijk lage verwachtingen van, omdat het toch maar vlak is. Uhm… hoe ver kon ik er naast zitten. Het blijkt alles behalve vlak te zijn en álles behalve saai. Alweer zijn we ons uren aan het verbazen over hoe mooi rauwheid kan zijn.

Volgens mij maakt het niet uit waar je in Schotland heen rijdt. Dat is me inmiddels wel duidelijk geworden.

Het einde van de wereld

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Sagres, waarschijnlijk in de oude tijden gezien als het puntje waar de wereld ophoud. Hierna alléén nog maar zee. Het is goed voor te stellen als we op die kliffen staan. Harde wind raast en probeerd ons uit balans te krijgen. Wat een rauwe plek. Niet alléén Sagres is rauw, maar de westkust van Sagres tot Odiceixe laat op ons een machtige indruk achter. Hoge kliffen waar het water tegen aan botst en dan ineens een mooie vallei waar je een zandstrand hebt maakt dit gebied tot het mooiste van Portugal. Met afstand. Dan zou je toch verwachten dat het hier overspoeld wordt met toeristen, maar ook dat is niet het geval. Daarnaast is het gebied ook nog divers, soms rij je zomaar tussen de groene bergen en dan weer uitgestrekte weilanden met hier en daar een oude traditionele molen. Ow, én ooievaars.

Als we na een al mooie route dineren bij een schijnbaar heel goed restaurant drijgt de zon onder te gaan. Evi, de Bob, besluit het stuur om te gooien en terug te rijden naar een mooi plekje waar ze van hoopt de laatste zonnestralen in een mooi decor te zien. Ook zij had niet verwacht wat we te zien kregen. Een zonsondergang, al zo vaak gefotografeerd, al zo vaak gezien, maar we waren allebei even sprakenloos.

Volgens mij is het wel duidelijk, deze regio is het einde. Althans wij zijn er weg van.

 

Midden

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Dus we zijn naar het midden van Portugal afgereisd, ergens tussen Viseu en Coimbra en dan een beetje naar rechts (oostelijk voor de kaart fetisjisten). Niet alléén zijn we hier midden in het land (ongeveer dan), maar voor ons gevoel ook wel een beetje midden in onze reis. Daar hoort een break bij, of in ieder geval mensen die langs komen! Gelukkig was het huisje dat we van (de geweldig lieve mensen) Gerrit en Elly huurden erg geschikt om mensen te ontvangen.

We moesten nog even op ons bezoek wachten, dus op een dag pakken we net voor de middag de auto voor een korte rit om de omgeving te verkennen. Kort was de  bedoeling. Ik hou het maar kort, maar de trip was dat in ieder geval niet. Wel mooi trouwens, dat moet ook gezegd worden (kijk de foto’s maar, die hoog in de bergen).

Uiteidelijk kwam de eerste helft van de gasten, Pim en Maartje, en dat nog wel op de heetste dag daar. Coimbra, mooie, oude stad, dus wij daar heen. Kei leuk, maar we moesten een heel stuk lopen in die hitte, van de auto naar het centrum (en het is hier natuurlijk nooit vlak). Maartje voelde zich al niet lekker en Pim is eigenlijk al de hele tijd ziek dus dat was vast pittig voor ze.  Na een pause en een ijsco voelde Maartje zich gelukkig als herboren (in ieder geval een stuk beter). De stad is inderdaad mooi, wel een klein centurm trouwens, daar waren we zo door heen. En de universiteit waar Coimbra ook bekend om staat, waar studenten in capes rond lopen. Ook mooi.

Het was echt leuk om weer bekende mensen te zien. Dat geldt ook voor Deni trouwens, die daarna  langs kwam.

Voordat Deni langs kwam hebben we nog een mooie fietsroute gedaan die van Viseu naar dichtbij ons loopt. De fiets hebben we mogen lenen van verre familie van Cpt. Jack Sparrow, of misschien minder verre familie. Hij was op een boot geboren (en was er nog altijd veel op te zien), zag er een beetje verwilderd uit (niet negatief bedoeld), maakte een verstrooide indruk (weer niet negatief bedoeld), was grappig en dronk rum. Dat kan alleen maar familie zijn.
Na de fietsroute nog een hele mooie route door de bergen gereden, helaas konden we er niet zo veel van genieten, omdat we kei honger hadden. Dus 3 greinzers in de auto, door de bergen, over een zandpad niet wetend waar die uit zou komen. Gelukkig kwamen we er achter dat we appels mee hadden genomen. Een restaurant kregen we bijna niet gevonden, dus je kunt je de sfeer wel voorstellen, ook al hadden we een appel op. Ik maak het nu allemaal erger dan het is, want dat leest natuurlijk leuk. We waren nog best aardig tegen elkaar, althans Evi en ik, Sam trekt zich niks van sociale verplichtingen aan. Die greinst gewoon verder. Maar goed, als ik al zei: erg mooie route.

Wat ook mooi was, was de route naar het station om Deni op te halen. Niet helemaal geplant, we wilde eigenlijk de snelste route. Op de 22ste is 30 jaar geleden een meisje geboren genaamd Evi. Kei toevallig dat die met ons mee was en dus gingen we dat maar vieren. Leuk was dat haar zus Deni er dus bij was. Ik had alléén één fout gemaakt. Haar als cadeau een dagje winkelen in Viseu geven. Een beginnersfout kan ik het ook niet meer noemen. Dus 2 zussen Huijbers die elkaar al even niet meer hebben gezien winekelen in een leuke stad en ik er maar achter aan met de buggy. Ook hier doe ik het weer erger voorkomen dan het werkelijk was, want dat leest zo leuk.

Na de bezoeken waren wij ook weer bijna klaar om te vertrekken uit het midden van Portugal. We hebben er toch 4 weken gezeten en dan bouw je toch een band op met de mensen waar je van huurt. Op de laatste avond kregen we zelfs een, ik kan gerust zeggen, uitgebreide BBQ. Gamba’s, steaks, varkenshaas, koteletten, hamburgers, salades, en ik ben zeker nog wat vergeten op te noemen. En dat alles met een super leuk gezelschap. Niet alleen Gerrit, Elly en zoon Olaf waren er, maar ook een stel uit België waar we de hele avond flink mee hebben gekletst.

Uiteindelijk zijn we nu in het zuiden, want we moesten toch weer door. Voor de rit hierheen had ik beter mijn zwembroek aan kunnen trekken, aangezien mijn broek niet minder nat was als dat ik in de zee was gaan zwemmen. Alentejo, waar we door heen moesten rijden, staat er niet bepaald bekend om dat het er frisjes is in de zomer. Algarve trouwens ook niet. Je kunt gerust het word “heet” in de mond nemen. Het woord “te” zou trouwens ook niet misstaan.  We zijn dus weg uit het midden, we zijn dus over de helft*.

* Mochten we niet ergens langer blijven hangen.

Rust in de tent

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Na een super leuke tijd bij Renato en Ana te hebben gehad hebben we besloten om door te gaan. We willen meer zien van Portugal en dus moesten we verder. Na een toch wel emotioneel afscheid, van voornamelijk het vrouwenvolk reden we met onze stoere rooie bak 100km verder vlakbij de Douro vallei. Hier wachtte onze nieuwe hosts, 2 zussen, ons op. Doordeweeks zijn de zussen in Porto en wij dachten dat we daar alleen waren, maar blijkt er nog iemand te zijn. Op zich niks mee, maar het is een Indiër en die staan niet bepaald bekend om de makkelijke samenwerking. Ook deze blijkt geen uitzondering. Na 2 dagen had ik ruzie met die tsjappie en dat is een prestatie op zich. Wanneer iemand constant zegt wat je moet doen, “park there, not here”, “use the handbreak”, “take Sam for a walk”, dan is het op een gegeven moment genoeg. Ik dacht in het begin, ik zal er wel aan moeten wennen, maar na 2 dagen kon ik er niet meer tegen. Maar goed, normaal zou iemand kritiek oppakken en er iets mee doen, maar dit is een Indiër. Hij werd in de plaats daarvan boos op mij, omdat ik kritiek op hem had. Lekker begin. Komt 3 dagen later nog een hulp erbij, een vrouw uit Canada. Erg aardige vrouw waar ik vervolgens mij aan de praat raak. Zegt ze dat deze Indiër in kwestie dinsdag naar één van de zussen heeft gebeld met de melding dat wij niet genoeg werkte. Als van ’s ochtens tot ’s avonds 20:00 niet genoeg is dan weten we het ook niet meer. Na een hevige discussie tussen alle betrokkenen lijkt er toch meer gaande tussen één van de zussen en de Indiër. De vrouw uit Canada en wij hebben geen behoefte om in een beerput terecht te komen en besluiten te vertrekken.

Op naar een camping richting Porto!
Vila Nova de Gaia werd onze nieuwe verblijfplaats. De vrouw uit Canada, Linda, is met ons mee gegaan. Dus met z’n 4en op de camping. Op zich kwam dat nog niet zo verkeerd uit, want de ouders van Evi (Henk en Rieta) kwamen ons toch opzoeken. De volgende dag zijn ze er. De eerste dag gaan we naar Porto. Kei heet, lekker eten, goeie port en leuke straatjes. Echt een super leuke dag. De volgende dag pakken we de auto en rijden door de Douro vallei. Dit is de vallei waar de Douro rivier door heen loopt. Hier worden ontzettend veel druiven verbouwd op plateaus. Als je hier door heen rijdt vraag je je af hoe veel manuren het heeft moeten kosten om al die plateaus aan te leggen. Het is eigenlijk een kunstwerk. Sam genoot natuurlijk volop van de aanwezigheidd van haar opa en oma. Maar andersom waren opa en oma een kind zo blij. Na 2 (o)pa-en-(o)ma-dagen waren we weer met zijn 4en. Maar niet voor lang, Linda had alweer een nieuw plan, dat van Mallorca naar Griekenland leed per zeilboot. Dus snel waren we weer met zijn 3en. Wat was ons plan? Een huisje huren en even rust inbrengen. Gelukkig vonden we snel een nieuwe plek, omdat een Nederlands stel zo aardig was om ons een fikse korting te geven op hun vakantiehuisje.

Daar zitten we dus nu. Het is hier niet alleen Nederlands-schoon, maar we hebben ook ONBEPERKT internet! Nu even rust in de tent.